Cloudificatie en Cloudisme

Zijn uw processen al gecloudificeerd? Of doet u niet aan cloudisme?

Twee woorden die ik uit mijn dikke duim heb gezogen, maar die op zich levensvatbaar zijn. Misschien worden ze zelfs al gebezigd, maar dat heb ik niet gecontroleerd.

Cloudificatie is dan “het geschikt maken voor de cloud”. Dat stoelt wel op de verwachting dat er iets voor nodig is om een proces (of een deel ervan) “in de cloud” te kunnen stoppen. Ik denk dat die verwachting heel rëeel is, want niet elk proces leent zich zonder meer voor de cloud. Ik heb geen diepgaand onderzoek gedaan natuurlijk. Ik baseer me op pure GBV (Gezond Boeren Verstand).

Mijn GBV zegt me bijvoorbeeld dat processen die in hoge mate bedrijfs-specifiek zijn moeilijker te cloudificeren zijn dan processen die generiek zijn of nauwelijks afwijken van de “marktstandaarden”. Dat zou dan betekenen dat cloudificatie ondermeer inhoudt dat je je processen meer moet standaardiseren om ze te kunnen verclouden.

Ook de strategische waarde van de informatie in een proces bepaalt of en de mate waarin het proces kan worden gecloudificeerd. Hoe hoger de strategische waarde, des te hoger de mate waarin de informatie beveiligd moet zijn. En laat beveiliging nou net een gevoelig onderwerp zijn in cloudificatiediscussies. Cloudificeren zou dan dus voor een belangrijk deel ook kunnen betekenen dat je het procesdeel dat je in de cloud zet ontdoet van strategische informatie en de benodigde koppeling met het oncloudificeerbare procesdeel (de toegang tot strategische informatie) goed beveiligt. Weer mijn GBV hier aan het werk hè, hier ligt geen fundamenteel onderzoek aan ten grondslag.

Cloudisme kan diverse betekenissen hebben. Ik ben daar nog een beetje zoekende. Misschien moet ik het zoeken in de sensatie. Een soort toerisme. Dan wordt de cloud een soort avontuurtje waarvan je terugkomt met foto’s. Leuk joh, clouds! Moet jij ook eens doen!

Of misschien moet ik het zoeken ik blootstelling en risico. Exhibitionisme en fanatisme dus eigenlijk. Ik durf mij bloot te stellen aan de cloud. Oeoeoe. Dat is het andere uiterste van het spectrum. Roekeloosheid is niet iets wat past bij cloudificatie.

Te denken valt ook aan een aandoening of een afwijking, maar die kant wil ik zeker niet op. Voor mijn gevoel is er niets mis met cloudisme. In tegendeel. Cloudisme is gezond.

Nee, ik voel meer voor een betekenis in de richting van een stroming: Realisme. Clouds zijn handig maar niet altijd verstandig en vice versa. Het is mooi om met je kop in de wolken te zitten, maar hou de voeten op de grond. En omgekeerd: nuchterheid is mooi, maar er stel je ook open (toch een beetje blootstelling dus) voor de mogelijkheden en voordelen van de cloud. Dát is cloudisme.

Cloud Computing is intrinsiek onduidelijk

bron: http://cloudcomputingtechnologybasics.blogspot.com/

Men zegt dat het fenomeen cloud computing dit jaar echt gaat doorbreken. Ja, het kan natuurlijk al veel langer en eigenlijk deden we het gewoon al tijden, maar dít jaar breekt het echt helemaal door. De digibeten zijn ons, de digileten (en ik reken mij daar gemakshalve maar even toe), al tijden helemaal kwijt. Ik bedoel: “cloud computing”, dat is toch te zweverig voor woorden!? Het nodigt uit tot abstraheren en vaagheid. Niet alleen de gemiddelde digibeet begrijpt niet wat het precies is, maar ik betrap ook digileten op glazige blikken bij het horen van het begrip “cloud”.

Eh, Cloud?

Waarom toch in hemelsnaam (vat je ‘m: hemels-naam?) cloud? O, maar waar die wolk vandaan komt is eenvoudig uit te leggen. Die is voortgekomen uit de manier waarop computers via het internet met elkaar in verbinding staan en met elkaar communiceren. 

Ieder bericht dat van de ene naar de andere computer moet, wordt eerst in stukjes geknipt (pakketjes) en ieder pakketje wordt voorzien van het adres waar het totale bericht naartoe moet. Die pakketjes worden vervolgens stuk voor stuk apart verzonden. En omdat het internet een enorm vermaasd netwerk van computers is, zijn er vele routes om een pakketje van de ene naar de andere computer te sturen. De manier waarop dit gebeurt heet packet switching. Het maakt dat je nooit kunt voorspellen via welke routes een bericht zich over het internet beweegt. Dataverbindingen tussen twee computers op het internet bestaan dus uit variërende routes. Dit is dus niet meer precies met een lijntje te tekenen. En zo kwam het dat men internet-verbindingen tussen computers in schema’s als een wolkje is gaan tekenen.

De wolk is dus symbool voor variatie, onvoorspelbaarheid en vaagheid. De digileten leggen dit ook uit door te zeggen dat dataverbindingen die via het internet lopen, transparant zijn. Daarmee bedoelen we dat de manier waarop data tussen A en B beweegt onzichtbaar is. Eigenlijk willen ze er vooral mee zeggen dat het ze niet interesseert hoe het precies gaat, als het maar gebeurt.  

Computing?

Cloud computing verwijst naar hetzelfde vage wolkje van onzichtbare, geheime routering. Kan cloud computing in het Nederlands worden vertaald met “wolkrekenen”? Dat is natuurlijk een heel vrije vertaling van cloud computing. Wat is computing dan precies? Computers kunnen dingen voor je uitrekenen, maar dat is maar een deel van wat ze kunnen. Ze zijn vooral gemaakt om bliksemsnel grote hoeveelheden gegevens te verwerken en te bewerken. Dit doen ze door middel van geprogrammeerde instructies (programma’s ,applicaties, apps) die ze braaf 1 voor 1 uitvoeren. Vandaag de dag kunnen computers tientallen tot wel honderden programma,s tegelijk uitvoeren. 

Cloud + computing = …

Mooi, nu weten we wat er met zowel cloud als computing wordt bedoeld. Dan weten we dus wat cloud computing betekent, toch? Dat is dan gewoon wat computers doen, maar dan doen ze het met vele andere computers samen die via onzichtbare en geheimzinnige routes over het internet met elkaar in contact staan. Juist, dat is precies wat het is. Aan het internet hangen miljoenen computers en iedere dag komen er vele bij. De gezamenlijke rekenkracht en dataverwerkingscapaciteit van al die computers is virtueel onmetelijk.

Virtueel?

Hee “virtueel”, dat is een belangrijk toverwoord bij cloud computing. Aan het internet hangen namelijk niet alleen echte computers, maar ook virtuele. Die zijn ook onzichtbaar, want ze bestaan alleen in het geheugen van echte computers. Een virtuele computer bestaat uit louter eentjes en nulletjes en kan zich eenvoudig en snel verplaatsen en vermenigvuldigen via het internet. Virtuele computers zijn geavanceerde computerprogramma’s die precies een computer nadoen, waarop je dan bijvoorbeeld windows kunt installeren. Krachtige, echte computers kunnen vele tientallen virtuele computers draaien.

Deze niet bestaande computers communiceren ook weer cloudsgewijs met elkaar. Nu komen we op een betekenis van cloud computing die het meest gangbaar is. Het betekent dat we heel gemakkelijk en snel kunnen beschikken over een wolkje vol virtuele computers die we voor bepaalde taken kunnen inzetten. De cloud is heel elastisch. Wil je meer rekenkracht, dan schaal je het wolkje op met nog meer virtuele computers. Wil je de rekenkraan wat dichter draaien omdat er even niet zoveel te data is om te verwerken, dan laat je de wolk krimpen. Easy.

Conclusie

Cloud computing is eigenlijk een hele goeie benaming voor het fenomeen. Het is intrinsiek onduidelijk, want we hebben geen flauw idee waar welke data in een cloud wordt verwerkt en via welke routes die data door die cloud schiet. En het doet er ook helemaal niet toe om dat precies te weten. We hoeven alleen te weten dát de data wordt verwerkt en in welke hoeveelheden, snelheid en betrouwbaarheid (quality of service) dat moet gebeuren. De capaciteit en kwaliteit van clouds zijn variabel. Goh, dat lijkt mij best handig.